Spot en vooroordelen

Het christendom is niet zelden het onderwerp van spot. Op internet, in de media, maar ook in het dagelijks leven, merk ik dat er mensen zijn die een karikatuur schetsen van het geloof om daar vervolgens op af te geven. Ik noem het een karikatuur, omdat men meestal gebruik maakt van zogenaamde stroman argumenten. Men schetst een sterk vereenvoudigd en/of verkeerd beeld van wat christenen geloven, om vervolgens deze karikatuur aan te vallen, in plaats van echt inhoudelijk op geloofskwesties in te gaan. Soms gebeurt dit met humor, soms met verontwaardiging of soms zelfs met woede. Hoe ga je daar als gelovige mee om?

Stroman argumentatie: onzin presenteren als “christelijke logica”

Sommigen zullen wellicht de neiging hebben om zich te verschuilen. Als je merkt dat je in een omgeving bent waar christenen belachelijk worden gemaakt, dan vergt het aardig wat moed om te zeggen: “Wacht eens even, ik ben christen en ik ben het niet eens met wat je nu zegt.” Toch zeker als je niet goed weet hoe je het beeld dat geschetst wordt moet weerleggen. Of als je je er niet in kunt vinden en je de neiging hebt te denken dat er gesproken wordt over een ander “type” christenen, een andere stroming dan waar je jezelf toe rekent. En het wordt al helemaal moeilijker gemaakt om over je geloof te spreken doordat we leven in een wereld waar het woord “tolerantie” een toverwoord is geworden, dat zoiets betekent als: “ieder mag geloven wat hij wil, zolang hij zijn mond er maar over dicht houdt.” Toch is het niet christelijk om je mond dicht te houden. In 1 Petr. 3:15 lezen we immers dat we altijd bereid moeten zijn om verantwoording af te leggen voor de hoop die in ons leeft. En meteen daarna staat dat we dit ook nog eens met zachtmoedigheid en respect moeten doen. Hoewel dat niet altijd makkelijk is als je wordt bespot, denk ik wel dat dit de beste manier is. Maar hoe pak je dat dan aan?

Allereerst is het belangrijk om je te realiseren dat iemand die met het geloof spot, waarschijnlijk niet opzettelijk een verkeerd beeld van christenen schetst. Wanneer je denkt dat hij dit met kwade opzet doet, zal je merken dat je niet ver komt in een discussie. Je bent dan geneigd boos en geïrriteerd te raken, en daarmee ben je in zijn ogen dus een typisch voorbeeld van een nare, “intolerante” christen en bevestig je zijn vooroordelen. Want dat zijn het vaak: vooroordelen. De ongelovige gelooft echt in deze karikatuur en in plaats van hem dit te verwijten, is het beter om erachter te komen wat zijn vooroordelen zijn en deze op een rustige, respectvolle manier te ontkrachten.

En er zijn nogal wat vooroordelen. Het lukt dan ook zeker niet altijd deze te weerleggen. Dat komt onder andere omdat mensen niet graag toegeven dat ze het bij het verkeerde eind hebben, vooral wanneer ze zich emotioneel betrokken voelen bij hun standpunt. En dus weigeren ze de ander te geloven, zelfs als ze met sterk bewijs geconfronteerd worden. Zo had ik eens een discussie met iemand die religie iets verschrikkelijks vond, omdat hij dacht dat het de oorzaak was van de meeste oorlogen en gewelddadige confrontaties. Toen ik hem uitlegde dat dit niet het geval was, en dit onderbouwde met harde statistieken, was zijn reactie: “Al jouw boeken en statistieken betekenen niets voor mij. Ik heb al genoeg gelezen en om me heen gekeken en mijn mening staat vast. Ik weet in mijn hart dat ik gelijk heb.” Dan moet je helaas constateren dat je zo iemand echt niet kan bereiken.

Maar soms lukt het ook wel. Ik trof eens iemand die de spot dreef met christenen door met sarcastische humor het geloof belachelijk te maken. De boodschap was duidelijk: je moet de laatste eeuw wel onder een rots hebben geleefd wil je nog steeds in dergelijk absurde “sprookjes” geloven. Toen ik met hem in discussie ging, hem duidelijk maakte dat zijn beeld niet overeenkwam met wat christenen daadwerkelijk geloven en hem serieuze antwoorden op zijn spottende vragen gaf, concludeerde hij uiteindelijk: “Ik geloof het nog steeds niet, maar ik had nooit verwacht dat ik een intellectuele reactie van een christen zou krijgen. Ik moet toegeven dat je daarin mijn ongelijk hebt bewezen.

Dergelijke reacties zijn misschien zeldzaam, maar ze geven me hoop en maken me blij. Het is onmogelijk om iemand zomaar compleet te bekeren. Ik denk dat uiteindelijk alleen God zelf iemand echt kan raken. Maar door vooroordelen uit de weg te ruimen en dit te doen op zachtmoedige wijze, zoals in 1 Petr. 3:16 staat, stel je mensen misschien steeds een beetje meer open om zijn genade te mogen kennen. Word dus niet boos, maar houd ook niet je mond als je geloof wordt afgekraakt. Steek er wat moeite in om erachter te komen wat dergelijke mensen dwars zit; wat voor beeld zij hebben van het geloof en waarom. Probeer dan met liefde dit beeld bij stellen zonder ze het gevoel te geven dat je hen iets opdringt.

Let op: heus niet alle atheïsten eten babies.

Ga er ook vooral niet vanuit dat de ongelovige critici iets missen in hun leven zonder God, of minder gelukkig of moreel zijn. Dat veroorzaakt zeker grote irritatie en bevestigt alleen maar nog meer van hun vooroordelen. Stel dus vooral geen vragen over wat er volgens hen dan na de dood gebeurt, hoe ze zin aan hun leven kunnen geven zonder God, etc. Ik weet uit eigen ervaring dat dit alleen maar averechts werkt. Ga er maar gewoon vanuit dat ze even gelukkig of ongelukkig zijn als de gemiddelde gelovige, dat ze een groot besef van moraal hebben, maar dat ze echt op basis van het bewijs dat zij hebben bekeken tot de conclusie zijn gekomen dat er geen God bestaat en dat religie de grootst mogelijke onzin is. Als je dan gaat kijken naar wat dit bewijs is waarop ze die conclusie baseren, zal je vanzelf merken dat dit veelal een ongeorganiseerd samenraapsel van onjuiste veronderstellingen en vooroordelen jegens het christendom is. En dan blijkt des te meer hoe belangrijk je houding als christen is wanneer je daar een discussie over aangaat. Ga je met vuur een verbale strijd aan, dan heb je deze bij voorbaat verloren, want de andere partij zal even vurig zijn gelijk willen krijgen. Maar weerleg je de onjuiste veronderstellingen met zachtmoedigheid, dan zijn mensen vaak wel bereid om in ieder geval naar je te luisteren. Wellicht lukt het je dan om ten minste een vooroordeel weg te nemen, al is het maar het vooroordeel dat christenen intolerant of onintelligent zijn.

Elk klein stapje is er één dichter bij de Waarheid. En zoals paus emeritus Benedictus XVI eens zei: “I have a mustard seed, and I’m not afraid to use it!”

, , , , , ,

Jaap de Wit

Jaap is geboren in 1978 in het wonderschone Bergen op Zoom, en thans woonachtig in Gouda. Overdag is hij software engineer en ‘s avonds is hij Rooms-Katholiek. Hoewel hij kort na zijn geboorte al een tijdje katholiek is geweest, was hij jarenlang atheïst. Op een dag in 2010 liep hij per abuis tegen het het ware geloof aan en sindsdien zit hij weer stevig in de kerkbanken. Sinds 2012 is hij enthousiast lid van Koor Padua en sinds 2014 is hij ook acoliet in Gouda.

Alle berichten van Jaap


2 reacties op “Spot en vooroordelen”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *