Adam en Eva door Lucas Cranach de Oude

Over vastende katholieken en puberale theologen

We zijn alweer in de tweede helft van de veertigdagentijd beland. Ik weet niet hoe het vasten bij jullie gaat, maar bij mij eerlijk gezegd niet zo goed. Eind vorig jaar ben ik lang ziek geweest door een griep en een longontsteking en ben toen tien kilo afgevallen. Aangezien ik toch al niet bijster veel woog, mag ik nu van mezelf niet minder eten. Dat betekent dus dat ik andere vormen van vasten moet vinden. Met wisselend succes.

Als nieuwbakken vader is slaap het enige dat ik consequent heb opgegeven. En op dat vlak is mijn vrouw trouwens helemaal een asceet geworden. Het voordeel van een slaaptekort is dat je meer tijd overhoudt om na te denken, zij het iets minder helder. Tijdens een wakker (en enigszins chagrijnig) moment bedacht ik me dat ik er anders tegenaan moest kijken. Mijn vrouw en ik geven geen slaap op, wij geven onze dochter de liefdevolle aandacht die zij nodig heeft. Dat nuanceverschil tussen iets aangenaams laten en een deugd doen, raakt volgens mij de kern van het christendom. En het vasten in het bijzonder.

De ethiek van het doen

Tijdens de vastenperiode mogen we liefdevolle aandacht geven aan God en aan onze medemens. Dat mag natuurlijk het hele jaar, maar omdat we daar eerlijk gezegd nogal eens in tekortschieten, letten we daar in de veertig dagen voor Pasen nog eens extra op. Waar we na de zondeval van God zijn verwijderd, mogen we in de veertigdagentijd eens extra dicht tegen Hem aan kruipen. Spiritueel gezien dan. Dat kan natuurlijk niet als we ondertussen achterom kijken naar alle dingen die we dan laten staan. We missen dan het doel van het vasten, en eigenlijk zelfs de essentie van het christendom.

Het christelijk leven zou vooral gekenmerkt moeten worden door wat we zouden moeten doen, en niet door wat we beter zouden laten. Wanneer je je richt op het doen, komt het laten veel vanzelfsprekender.

Ik zal daarvan een voorbeeld geven. Toen ik de mystiek ontdekte achter de gedachte dat God de mens naar Zijn evenbeeld had geschapen als man en vrouw, en zij door het huwelijk één zouden worden, besloot ik mijn leven te veranderen. Hoewel ik al verschillende seksuele relaties achter de rug had, wilde ik vanaf dat moment een vrouw vinden aan wie ik mezelf helemaal kon geven binnen het huwelijk. Ik vond het belangrijk om eerst echt een bewuste keuze voor iemand te maken – om mijn ziel voor God en Kerk aan die persoon te binden – en dan dus zowel spiritueel als fysiek één te worden. Dat bracht toen ik mijn huidige vrouw leerde kennen, dus ook vanzelfsprekend met zich mee dat we geen seks wilden voor het huwelijk.

De aandacht op het laten

Die beslissing was voor ons allebei natuurlijk niet altijd even makkelijk, maar we hadden een doel voor ogen waar we met heel ons hart achter stonden. Andersom echter, wanneer je de focus op het laten legt, dan vergeet je dat doel maar al te makkelijk. In dat geval wordt het een oefening in uithoudingsvermogen. Je gaat je dan afvragen waarvoor je het allemaal doet. Of eigenlijk: waarvoor je het niet doet. Ik zie dan ook regelmatig christenen die de seksuele moraal ten onrechte reduceren tot de simpele stelling dat je geen seks voor het huwelijk mag.

Ik vind dat gevaarlijk. Je kweekt dan twee soorten christenen. Aan de ene kant krijg je gelovigen die trouw alle wetten en voorschriften volgen om maar in de hemel te geraken. Dat is heel braaf van ze, maar christelijk is het niet. Aan de andere kant krijg je gelovigen die ontevreden worden. Zij willen de wetten vervolgens versoepelen tot ze op het punt komen dat die precies comfortabel genoeg zijn om zichzelf als ‘goede mensen’ te kunnen bestempelen. In het beste geval leidt dat tot het kinderlijk goedpraten van je eigen zonden. In het slechtste geval leidt het tot ronduit puberaal gedrag en ga je je stampvoetend tegen de Kerk verzetten.

Twee puberale theologen

Sint Augustinus in gebed, door Sandro Botticelli
Aurelius Augustinus zit manieren te bedenken om het christendom te belasten met de erfzonde.

Ik zag hier vorige week een prachtig voorbeeld van in een artikel in Trouw. Theologen Peter Nissen en Janneke Stegeman vonden het nodig om tegen de katholieke Kerk te schoppen om zo hun eigen ideeën te promoten. De twee theologen willen namelijk graag van de erfzonde af. “Wie wil dat niet?”, denken jullie nu terecht. Maar Stegeman en Nissen betogen dat het verhaal van Adam en Eva helemaal niet over zonde gaat. De erfzonde is volgens hen iets waarmee Augustinus het christendom heeft belast.

Jullie horen het goed. Zij verwijten Augustinus dat hij vierhonderd jaar na Christus iets nieuws heeft bedacht, om vervolgens zelf tweeduizend jaar na Christus het gehele christendom nog veel drastischer te willen veranderen. En dat is bij lange na niet de enige ironie in het artikel. In hun uitgebreide poging de erfzonde te weerleggen, geven zij zelf eigenlijk een treffend bewijs voor – inderdaad – de erfzonde.

De zonde van Adam en Eva

In Genesis 2 lezen we nog hoe God tegen de mens zegt: “Van alle bomen in de tuin mag je eten, maar niet van de boom van de kennis van goed en kwaad.” Hij gaf de mens dus ontzettend veel vrijheid om zo’n beetje alles te doen, maar dat hield slechts één kleine beperking in. Adam en Eva mochten zichzelf niet het recht toe-eigenen om goed en kwaad te definiëren. Dat was aan God voorbehouden. Maar wat zien we vervolgens in Genesis 3? De slang vraagt heel sluw aan Eva: “Is het waar dat God gezegd heeft dat jullie van geen enkele boom in de tuin mogen eten?”

Uiteraard was dat niet waar. Ze mochten van op één na alle bomen eten. Maar daarmee plantte de slang dat eerste zaadje van ontevredenheid. Het idee dat je van God niets mag. Binnen de kortste keren had Eva alleen nog maar oog voor datgene dat ze moest laten, in plaats van al het goede dat ze wel mocht doen. Die neiging zit als het ware in ons DNA ingebakken. Mijn ouders hebben mij in mijn jeugd een heleboel vrijheid gegeven, waar ik dankbaar gebruik van maakte. Maar toen ik als vroege puber nog niet naar de kroeg mocht, omdat ik te jong was, stampte ik ook met mijn voeten en riep: “Ik mag ook helemaal niets!” Plotseling was naar de kroeg gaan het summum van vrijheid en voelde ik mij geketend door dat ene verbod.

Verboden vruchten

Dit is ook precies de toon van het betoog van Nissen en Stegeman. Het staat hen uiteraard geheel vrij om in het verhaal van Adam en Eva iets te lezen over ontluikende seksualiteit, volwassen worden en keuzes maken. Prima! Dat is een positieve boodschap en de Bijbelverhalen hebben immers vele lagen. Die vrijheid is echter niet genoeg voor deze pubertheologen. Dat de Kerk er ook nog iets anders in leest, is hen teveel. “Wij mogen ook helemaal niets van de Kerk!”, roepen zij wenend en stampvoetend. Ze klagen dat de Kerk censuur oplegt en liever niet heeft dat mensen zelf gaan lezen, omdat dat gezagsondermijnend is. Daarbij halen ze ook nog eens de inmiddels afgeschafte index van verboden boeken van stal.

Arme Peter Nissen. Hij mag niet eens Spinoza of Descartes lezen. Als het aan de Kerk lag, dan zaten hij en Stegeman de hele dag eenzaam op hun kamertje. Dan waren ze druk bezig om niet te zondigen. Het leven van deze theologen is zwaar. En dat allemaal omdat hun seksuele dogma’s klaarblijkelijk anders zijn dan die van de Kerk, die in Adam en Eva al iets van het mysterie van het huwelijk ziet. Ach ja, ze zijn gelukkig vrij om dat te vinden. In één ding hebben Stegeman en Nissen in ieder geval gelijk. Het verhaal van Adam en Eva gaat inderdaad ook over volwassen worden. Ik stel voor dat zij daar zelf eens mee beginnen en ophouden om zich te focussen op die zogenaamd ‘verboden vruchten’. Dan ga ik ondertussen nog een nachtje vasten, en dus vreselijk lijden aan slaaptekort.

Ik bedoel natuurlijk dat ik nog een beetje extra van mijn vrouw en dochter ga houden, maar dat klinkt zo positief.


Dit artikel is gebaseerd op mijn column in ‘Van Harte Katholiek’ van 5 april 2017 op Radio Maria.

, , , , , , , , , , , , ,

Jaap de Wit

Jaap is geboren in 1978 in het wonderschone Bergen op Zoom, en thans woonachtig in Gouda. Overdag is hij software engineer en ‘s avonds is hij Rooms-Katholiek. Hoewel hij kort na zijn geboorte al een tijdje katholiek is geweest, was hij jarenlang atheïst. Op een dag in 2010 liep hij per abuis tegen het het ware geloof aan en sindsdien zit hij weer stevig in de kerkbanken. Sinds 2012 is hij enthousiast lid van Koor Padua en sinds 2014 is hij ook acoliet in Gouda.

Alle berichten van Jaap


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *